Interregproject Fokus: digitale transformatie maakt industrie future proof

Vlaanderen en Nederland slaan de handen ineen om de maakindustrie klaar te maken voor de digitale toekomst. In het Interregproject Fokus kunnen 30 MKB-maakbedrijven een voucher krijgen. Met deze voucher kunnen ze de haalbaarheid van digitalisering in hun bedrijf laten onderzoeken bij een van de kennisinstellingen. Daarnaast wordt er een software interface ontwikkeld om productieprocessen digitaal aan te sturen en gaat men het Vlaamse factory of the Future concept doorontwikkelen naar een Nederlandse variant.

 

Interreg-project gestart met budget van 4,3 miljoen euro

Het Precision Lab van Sirris in Diepenbeek wordt uitgebreid tot een Advanced Manufacturing application lab. Sirris gaat hier samen met Flanders Make, Open Manufacturing Campus (Turnhout) en de KU Leuven campus Brugge aan de slag met het thema first time right. “Ook complexe stukken willen first time right maken”, zegt Walter Auwers, business unit manager Advanced Manufacturing Sirris. TNO, de Nederlandse kennisinstelling in het Interreg-project Fokus (Fabriek van de Toekomst Ontwikkelen uit KennisbUndeling en Samenwerking), gaat zich vooral richten op digitale ondersteuning van de operators, bijvoorbeeld in de assemblage. “Ook daar worden series kleiner; soms gaat het zelfs om enkelstuks assemblage. Instructies zijn daardoor een complexer verhaal geworden.”

 

Walter Auwers (Sirris) bij de presentatie van het project Fokus. Tweede van links gedeputeerde Inge Moors.

 

Over de grenzen heen kijken

De kennisinstellingen krijgen in totaliteit 4,3 miljoen euro subsidie voor het project, waarmee ze in totaliteit 150 bedrijven doorlichten om hun productietechnologieën future-proof te maken. De helft zijn Interreg gelden, de andere helft komt van andere partijen. Daaronder de provincie Belgisch Limburg. Deze stelt 151.750 euro aanvullende subsidie beschikbaar voor de vestiging van Sirris in Diepenbeek. “Omdat we Limburg future proof willen maken”, zegt gedeputeerde Irene Moors. Volgens haar kunnen de ervaringen die in Vlaanderen en Nederland in fieldlabs en laboratoria worden opgedaan veel beter gedeeld en benut worden dan tot nog toe. De spong naar Industrie 4.0 maken vraagt volgens haar om over de grenzen heen te kijken, ook over de landsgrenzen. Naast de 150 maakbedrijven die doorgelicht worden, kunnen 30 bedrijven aanspraak maken op een voucher ter waarde van 10.000 euro. Daarmee kunnen ze bepaalde technologieën bij een van de kennisinstellingen op haalbaarheid testen.

 

Generieke database maakt digitalisering makkelijker

Het project Fokus pakt ook nog een aantal andere zaken op. Het Advanced Manufacturing application lab in Diepenbeek wordt volgens Walter Auwers uniek, niet alleen in België maar ook in Europa. Maakbedrijven vinden hier geavanceerde technologie, onder andere een 3D metaalprinter, laserstructuurmachine, 5-assige precisie freestechniek maar ook cryogene koeltechniek en zo voort. In het kader van het project wil men al deze machines met elkaar gaan verbinden. Daartoe ontwikkelt Sirris momenteel nieuwe software. Peter Ten Haaf van Sirris: “Communicatie tussen verschillende systemen en machines is de sleutel tot succes. Samen met onder andere startups ontwikkelen we een zo generiek mogelijk basis informatiesysteem waarin bedrijven relevante data verzamelen en opslaan. Uit deze database haalt vervolgens elke machine, ERP- of MES-systeem de data die nodig zijn en krijgt deze aangereikt in het juiste format.”

 

Een van de ontwikkelingen in Diepenbeek is cryogene koeling in de verspaning, die Sirris ook toegankelijk wil maken op minder geavanceerde machines.

 

IT-systeem onafhankelijk

Precies die slag missen de mkb-bedrijven tot nog toe. Zo’n generieke database die automatisch de data naar het juiste format vertaalt, maakt de bedrijven onafhankelijk van welke leverancier dan ook. “Nu veranderen ze niet van ERP-systeem omdat het invoeren van data dan opnieuw moet gebeuren. Dan kun je bij wijze van spreken drie planningssystemen naast elkaar laten lopen, omdat de data telkens automatisch in het juiste format worden aangeleverd.”

Naast de kennisinstellingen zijn ook FME, HighTechNL, Brainport Industries en Agoria betrokken bij het project

 

Authors

Gerelateerde artikelen

Top