Vlaamse maakindustrie springlevend

Flanders Make Leuven

De Vlaamse maakindustrie is erin geslaagd om de terugloop van het aandeel in het Vlaamse bruto nationaal product te stoppen. Tegenwoordig zorgt de industrie weer voor zo’n 17% van alles wat Vlaanderen verdient. En de Vlaamse industriële bedrijven investeren hun winsten in nieuwe activiteiten, die voor de groei van het aantal jobs zorgen. “Een aantal doemdenkers voorspelde de begrafenis van de maakindustrie, maar die is kicking and alive”, aldus Urbain Vandeurzen, voorzitter van de Raad van Bestuur van Flanders Make.

 

Flanders Make en Sirris openen competentiecentrum voor machinebouw

Hij presenteerde de positieve cijfers over de industrie in Vlaanderen bij de officiële opening van het nieuwe competentiecentrum voor de machinebouwindustrie in Leuven. Sirris en Flanders Make bundelen hierin hun onderzoeksinfrastructuur en -capaciteit en bouwen hun machinebouwcompetentiecentrum daarmee uit. Hier vindt de industrie de hoogtechnologische infrastructuur die nodig is om nieuwe producten en processen te evalueren, valideren en demonstreren. “Zo versnellen ze hun product- en procesinnovatie en kunnen ze de internationale concurrentie de baas”, aldus Vandeurzen.

 

Een van de demo’s in het nieuwe competentiecentrum: de samenwerking tussen cobot en operator bij het de productie van composiet delen.

 

Industrie 4.0

Daarbij ligt de nadruk op slimme geconnecteerde producten en productiesystemen; digitalisering van productiesystemen voor kleinere series op maat gemaakte producten en duurzame systemen die mensgeoriënteerd zijn. Urbain Vandeurzen: “We gaan niet naar de one-man-factory, naar full time automatisatie. Het gaat om de combinatie van robotisatie en de flexibiliteit door de operatoren. Digitale technieken geven daarin ondersteuning.” Dat werd onder andere gedemonstreerd in een productiecel voor lichtgewicht composietstukken. De cobot herkent aan de hand van een code op de mal om welk product het gaat, pakt de juiste vezelmatten, legt deze in de mal waarna de operator ze aandrukt. Zo’n cel waarin de cobot en de operator samenwerken, verkleint de foutkans doordat de cobot automatisch het juiste materiaal kiest. Je voorkomt echter kostbaar programmeerwerk dat nodig is als de robot alle handelingen zou uitvoeren. Met zo’n cel kunnen bedrijven in kleine aantallen gepersonaliseerde producten maken.

 

Een van de onderzoeksprojecten richt zich op de inzet van drones in de maakindustrie.

 

Drones voor machine-inspectie

Een ander onderzoek is de inzet van drones in de machinebouw, bijvoorbeeld voor pick and place toepassingen en voor onderhoudsdoeleinden. De drone wordt daartoe uitgerust met gevoelige akoestisch sensoren. Volledig automatisch vliegt de drone op voorgeprogrammeerde tijden over de machines en registreert aan de hand van afwijkende geluiden waar zich storingen in de machines voordoen. Hoewel dit onderzoek nog in een vroeg stadium is, denken de onderzoekers dat de technologie zelf binnen afzienbare tijd geschikt zal zijn voor toepassingen in de industrie. Hier is het eerder regelgeving die nog ontwikkeld moet worden.

 

Urbain Vandeurzen van Flanders Make (2e van links) geeft uitleg aan minister Philippe Muyters naast hem.

 

Kleinschaligheid Vlaamse troef

Minister Philippe Muyters (Werk, Economie, Innovatie en Sport) bestempelde in zijn toespraak de kleinschaligheid van Vlaanderen als de grootste troef. “Hierdoor hebben we een open economie en een concentratie van bedrijven en instellingen. Omdat ze dichtbij elkaar zijn, vinden ze elkaar.” Volgens hem is open innovatie tegenwoordig de enige manier om tot oplossingen te komen voor de uitdagingen van de samenleving. De Vlaamse regering zet flink in op innovatie in de industrie. Als de zittingsperiode van de huidige Vlaamse regering voorbij is, dan investeert ze een half miljard euro meer in de innovatie in industrie dan aan het begin. Daarbij werkt elke euro van de overheid als een hefboom, want de bedrijven die meedoen aan onderzoeksprojecten brengen zelf ook veelal financiële middelen in. Die bedrijven weten Flanders Make en Sirris steeds beter te vinden. Momenteel zijn 156 bedrijven lid van Flanders Make; veel meer doen mee aan de projecten. Sirris realiseert jaarlijks voor 1300 bedrijven zo’n 1500 projecten.

 

Een van de demo’s tijdens de officiële opening: het programmeren van een cobot met behulp van Virtual Reality.

 

 

Authors

Gerelateerde artikelen

Top